Noordrijn-Westfalen viert een bijzondere mijlpaal in natuurbehoud: Biologisch station Zwillbrock bestaat 40 jaar.
Het behoort tot de pioniers van een model dat tot op de dag van vandaag uniek is in Duitsland: een uitgebreid netwerk van inmiddels 40 biologische stations die een brug vormen tussen staatsnatuurbehoud, vrijwilligerswerk en landgebruikers.
Het station Zwillbrock beheert momenteel 37 beschermde gebieden met een totale oppervlakte van 3.500 hectare. Een belangrijk aandachtspunt is de bescherming van veengebieden. Met het huidige LIFE-project “CrossBorderBog” investeert de deelstaat circa drie miljoen euro in de vernatting van het veengebied Hündfeld – een grensoverschrijdend samenwerkingsproject met de provincie Overijssel.
Daarnaast levert het station een belangrijke bijdrage aan de bescherming van weidevogels in het district Borken met het project “LIFE Meadow Birds NRW”. Een ander hoogtepunt van het station is de eigen schapenboerderij: de kudde heide- en moerasschapen graast op zo'n 250 hectare heide en moerasland, waarmee een historisch schapenras en waardevolle open-landbiotopen in stand worden gehouden. Deze biotopen dienen op hun beurt als leefgebied voor vele zeldzame en bedreigde diersoorten.
De Zwillbrocker Venn staat bekend om een biologische bijzonderheid: al sinds de jaren 80 broedt er een flamingokolonie. Met zo'n 80 vogels is het de meest noordelijke broedkolonie van zijn soort ter wereld en de enige in het wild levende populatie van Chileense flamingo's buiten Zuid-Amerika.


